ROBIN ZUIDEMA

Robin Zuidema, via De Heracliden en Gorecht naar de gewilde hoofdklasse

Op een trapveldje in Uithuizermeeden leerde Robin Zuidema (25) voetballen. Al op jonge leeftijd liet hij vriendjes, teamgenoten en tegenstanders zijn hielen zien. De talentvolle jongeling debuteerde op 15-jarige leeftijd in de hoofdmacht van SV De Heracliden en had een flink aandeel in de knappe promotie naar de tweede klasse in 2014. Door een dubbele beenbreuk kon hij op dat podium niet uitblinken. Dat deed hij erna wel bij Gorecht en Drachtster Boys. We kijken terug op zijn jeugdjaren, gemaakte keuzes, een bizarre blessure  en de bijnaam ‘submarine’.

Sportpark Meij

Uithuizermeeden uit. Wat een eind. Het lijkt altijd hard te waaien op sportpark Meij aan de Grote Hadderstraat. Om nog maar te zwijgen over de trein die langs dendert en bezoekers geregeld doet opschrikken. Zuidema moet erom lachen: “Op die velden heb ik als kind heel wat uren doorgebracht. Vaak werden we erheen gestuurd door de boze buurman. Ons vertier begon meestal naast ons huis, waar een klein veldje lag. Daar voetbalden we dagelijks. Onze buurman was echter een verzamelaar van potten en kruiken. De tuin stond er vol mee. Een afzwaaier kon nog wel eens voor scherven zorgen. Dan moesten we naar de voetbalvelden. Ook niet erg, want dan was 150 meter verderop.”

 ‘Ik moest voor de bal gaan staan en kreeg geel. In tranen was ik’

Zuidema koestert warme herinneringen aan de achttien jaar die hij doorbracht in zijn ouderlijk huis in het dorp, waar hij met zijn ouders, twee broertjes en zusje woonde. Hij prikt er wekelijks een vorkje mee. Zodra het kon, meldden zijn ouders hem aan bij De Heracliden. Hij doorliep er alle elftallen en mocht al vroeg aan het grote werk in het vlaggenschip ruiken. “Ik was vijftien. Ineens speel je samen met mannen als Mark Knol en Theo Buikema, waar je als kind altijd naar stond te kijken. Jongens als Jeroen Linstra en Frank de Boer kende ik al. Daar had ik direct een klik mee. Ze zaten een generatie boven mij, maar soms deed ik met hun mee. Mijn eerste gele kaart pakte ik toen ik als C-junior met B1 meedeed, waar zij in speelden. Bij een vrije trap tegen moest ik voor de bal gaan staan om tijd te winnen. Ik werd op een gele kaart getrakteerd. In tranen was ik.”

 

 

Promotie en beenbreuk

In de hoofdmacht werd Zuidema direct een vaste waarde, met promotie naar de tweede klasse als summum. Een persoonlijk hoogtepunt volgde met zijn goal tegen Sergio Padt in de wedstrijd tussen FC Groningen en het regioteam van RWE Eemsmond. “Die wedstrijd is tien keer gespeeld. Het regioteam heeft in al die edities slechts eenmaal gescoord. Dat was ik. Verder was het vooral 90 minuten achter de man en bal aanlopen hoor.” In de derde klasse was De Heracliden overigens geen hoogvlieger, maar door een opleving werd de tweede periode gepakt. Zuidema lacht: “In de nacompetitie zaten we in een ongekende flow. We wonnen het tweeluik van Tonego en troffen in de finale Vitesse ’63, waar we uit met 1-0 verloren. Thuis wonnen we met 3-2. Na verlenging werd het 5-2. Er was die dag een toernooi op de club, iedereen bleef hangen om onze wedstrijd te zien. Het was heroïsch. Maar stiekem ook een brug te ver, aangezien de selectie smal en kwalitatief simpelweg een derdeklasser was. Achteraf bekeken hadden we beter niet kunnen promoveren.” In vier seizoenen maakte Zuidema - voornamelijk als flankspeler - 41 goals, ondanks een vrijwel geheel verloren jaar dankzij een dubbele beenbreuk. “Klazienaveen uit. Het was de tweede wedstrijd van het seizoen. Ik werd van achteren hard geraakt. Omdat ik wel eens vaker op de grond lag, werd ik al gemaand om weer te gaan staan. Dat lukte niet. Onze verzorgster had meteen door dat het mis was, wat later door de ambulancebroeders werd bevestigd.”

‘Heel Gorecht was boos op mij. Supporters klommen zelfs over de hekken’

VV Gorecht

De dorpsclub maakte erna loodzware maanden door, met vijftien nederlagen op rij en veegpartijen tegen onder meer DESZ (8-0) en de latere kampioen Groen Geel (0-11). Met slechts zeven punten degradeerde De Heracliden roemloos. Zonder de vertrokken Zuidema gebeurde dat het seizoen erna nogmaals. In de tweede klasse maakte hij pas in het slot van de competitie zijn rentree. Hij scoorde meteen. Op de voorlaatste speelronde lukte dat overigens niet tegen zijn nieuwe werkgever Gorecht, waar hij zich letterlijk tot persona non grata schopte. “Ik had mijn ja-woord gegeven aan trainer Bert Vos van Gorecht. Omlandia en Winsum toonden ook interesse, maar het gevoel bij Gorecht klopte. Begin mei trad ik dus aan tegen mijn nieuwe werkgever, waar ik verder nog niemand kende. Ik raakte Lloyd Jackson stevig van achteren. Heel Gorecht was woest op mij. Beide teams vlogen elkaar in de haren. Supporters klommen zelfs over de hekken, haha. Het was geel met een rood randje.” Zuidema denkt even na. “Nee, oké, hij had wel rood kunnen geven.” Zijn start in Haren was enkele maanden later zodoende niet zoals gehoopt, maar zijn goals en ware persoonlijkheid vergoedden veel. Het kwam helemaal goed. Zuidema liep drie seizoenen op sportpark De Koepel rond en was 48 keer trefzeker. Niet gek, voor een vleugelaanvaller. Bovendien werd hij met zijn team direct kampioen in de tweede klasse. Niet eerder speelde Gorecht zo hoog. Ook buiten de lijnen piekte hij met zijn teamgenoten. “Op zaterdagavond melden in Oblomov en dan maar kijken waar we eindigen, hè? Vaak in ’t Vaatje. En vaak vrij laat.”

 

 

Submarine

Zuidema groeide uit tot een ware revelatie bij Gorecht, inclusief passende bijnaam: submarine. Daar is de lach weer: “Haha, ach ja, wat kan ik zeggen? Duikboot… Ik ga makkelijk liggen. In die jaren heb ik legio penalty’s versierd. Vaak terecht hoor, ik heb veel tikken gekregen. Dat is ook inherent aan het kruisen in het veld. Ineens duik je op. En ga je tegen de vlakte, haha. Thijs Hekman, onze centrale verdediger, nam de penalty’s. Die heeft er wel vijftien gemaakt.” Naast de bijnaam leverde het verblijf bij Gorecht hem een kampioenschap, nacompetitie voor promotie naar de hoofdklasse, drie topscorerstitels en een testwedstrijd bij Cambuur op. “In de jeugd bij De Heracliden heb ik deel uitgemaakt van een regioteam van de KNVB en ik heb een halfjaar bij de voetbalschool van FC Groningen gezeten, met Dick Lukkien en Erwin van de Looi als trainers. Maar een testwedstrijd was nieuw. En best spannend. Maar het was geen doen. Een helft spits, een helft op zes. Er zaten veel afvallers van Feyenoord en Roda JC bij. Die vormden ook groepjes. Uiteindelijk was ik te bescheiden.” Geen Cambuur, wél Drachtster Boys. Voor een eerst een avontuur in de hoofdklasse, zo leek het lange tijd. Drachtster Boys vergooide echter alles, zag Buitenpost kampioen worden en bleef net als Gorecht eersteklasser. De start van Zuidema was echter geweldig in Drachten. Vijf van de eerste zes wedstrijden werden gewonnen. Spits Rob Schokker had er al negen inliggen. Zuidema volgde met zes treffers en liep één op één.

‘In de ochtend had ik eindelijk een eigen bed. Daar lag ik 41 dagen in’

Gescheurde alvleesklier

In de aanloop naar de topper tegen HZVV ging het op de donderdagtraining echter finaal mis als Zuidema keihard botste de doelman. Hij kreeg een knie vol in de maag en gaf aan dat het niet ging. Nadat hij moest overgeven, liep hij richting trainer Hans van der Ploeg. “Het gaat echt niet goed.” Van der Ploeg reageerde in trainersjargon: “Ga maar naar binnen, dan zien we zaterdag wel weer.” Zuidema bleef een hand op zijn buik houden. Douchen ging nauwelijks. Duizeligheid nam toe. Wéér overgeven. Een teamgenoot moest zijn veters strikken. Naar huis en snel. “Op de ring van Groningen moest ik wederom spugen. Thuis ging ik op bed liggen, een kussen tegen mijn maag gedrukt. Zweten, kotsen. Mijn huisgenoot bleef maar glazen water brengen. Ik belde de huisartsenpost en mijn moeder, die overigens dacht dat ik weer een avontuur in de stad had meegemaakt. Eenmaal in het ziekenhuis ging het bergafwaarts. Scans en onderzoeken volgden. In de ochtend had ik een eigen bed. Daar heb ik 41 dagen in doorgebracht.”

Zuidema werd platgespoten met morfine om de pijn te onderdrukken en lag dagelijks meermaals op de hartbewaking. Er kwam zelfs ketamine aan te pas. Na een week achterhaalden ze de oorzaak: een gescheurde alvleesklier. Operatief werd een buisje bij de klier geplaatst, waarna een lang herstel volgde. De kilo’s vlogen eraf. “Ik kwam eerst tien kilo aan vanwege het toegediende vocht. Die verdwenen toen ik een vochtzakje kreeg. Daarna gingen mijn eigen kilo’s eraan; ruim tien in korte tijd, inclusief spiermassa. Van een sportieve jongen werd ik ineens een ziek, iel en conditioneel wrak.” Eenmaal thuis ging de revalidatie met pieken en dalen. Een goeie dag kon zo worden afgewisseld met een rits mindere. Zijn perceptie op het leven wijzigde. “Ik was altijd zo gefocust op voetbal. Ineens was het bijzaak. Een mooie bijzaak, dat wel. Zo zie ik het nog steeds. Maar niet meer het meest belangrijk. Dat is toch echt mijn gezondheid. Ik ben anders tegen dingen gaan aankijken en denk gek genoeg veel meer na over de toekomst.” Tegen het slot van de competitie staat Zuidema weer op het veld. Een verloren seizoen, net als het jaar erna? “Zo voelt dat wel een beetje, helaas.”

Toch hoofdklasser

Ook het tweede seizoen in Drachten verloopt namelijk niet zoals Zuidema wil. Er is onrust, onder meer binnen de ploeg. De resultaten vallen tegen. Trainer Hans van der Ploeg, met wie Zuidema het uitstekend kan vinden, mag zijn koffers pakken. “Ontzettend jammer, al ben je als trainer vaak de kop van Jut. Voordat ik naar Drachtster Boys ging, waren de doelstellingen veelbelovend. Daar kwam in het veld uiteindelijk weinig van terecht. De groep was niet in balans.” Als de gerenommeerde hoofdklasser Flevo Boys in de loop van 2020 vervolgens contact opneemt met de rappe aanvaller, is de keuze snel gemaakt. Teamgenoot Saïd Hassan volgt zijn voorbeeld. Vanuit Groningen, waar ALO-student Zuidema in een studentencomplex in Selwerd woonachtig is, reist hij tegenwoordig tweemaal per week naar Flevo Boys in Emmeloord, samen met onder meer Ron Janzen (oud-speler RKC, Cambuur én Gorecht), Ivar Span en Yume Ramos. “Op donderdag trainen en op zaterdag een onderlinge wedstrijd. Ik heb het naar de zin, al was het in beginsel flink wennen aan het niveau en tempo. Inmiddels heb ik mijn draai gevonden, ondanks dat er wat knieklachten zijn. Ik kan in ieder geval niet wachten om een volwaardig seizoen mee te pakken.”

 

 

 

Jelle Teitsma