MOVV

Vijftig jaar geleden, toen MOVV nog een topploeg was

 

MOVV speelt deze eeuw voornamelijk in de vierde klasse. In 2013 daalt de club uit Midwolda zelfs af naar de vijfde klasse, het laagste niveau denkbaar. Gelukkig voor de Midwolmers blijft het bij één seizoen. In 2016 speelt MOVV een seizoen in de derde klasse, maar degradatie volgt direct. Hoe anders was dat vijftig jaar geleden, toen de club zelfs drie seizoenen in de eerste klasse speelde, op dat moment het hoogste amateurniveau.

 

Willie Siemens is pas negentien jaar als MOVV in 1969 promoveert naar de eerste klasse, maar is op dat moment al een sterkhouder bij de rood-zwarten. Vanaf zijn vijftiende speelt hij in het vlaggenschip. “Ik heb elke positie wel gehad”, zegt hij. “Ik was spits, buitenspeler, voorstopper, middenvelder, ik heb zelfs op goal gestaan. Hoe zeggen ze dat tegenwoordig? Multifunctioneel? Nou, het is wat gek om over mezelf te zeggen, maar dat was ik dan, multifunctioneel.”

 

Het is ruim vijftig jaar geleden, maar Siemens, die wordt beschouwd als misschien wel de beste MOVV’er uit de historie, denkt er nog vaak aan terug. Soms kijkt hij naar een oude elftalfoto uit die tijd. Hij spreekt niet iedereen meer. Kan ook niet, sommigen zijn dood. “Op de foto staan twaalf man. Zes zijn er al niet meer. De helft. Tja.”

 

Op de foto staan allemaal spelers uit Midwolda. Twee jaar voor de promotie naar de eerste klasse stromen enkele talenten door vanuit de A-junioren. “Henk Snoek, Piet Noor, Heiko Kiewiet, Jacob Tolk en ondergetekende”, somt Siemens op “Die speelden een jaar later allemaal in de basis. Er kwam eentje van buitenaf, dat was de keeper, Hennie Mellema. Die had nog bij Heracles gezeten en bij WVV. Hij was meegekomen met onze trainer Johnny de Groot. Hennie is een paar jaar geleden ook overleden...” Siemens stopt met praten en slikt de tranen weg. “Sorry”, verontschuldigt hij zich overbodig. “Dat gebeurt dan soms als ik het daarover heb.”

 

Als Siemens het plakboek erbij haalt en naar de oude foto’s kijkt, komen de herinneringen vanzelf naar boven. “Het was een mooie tijd. De mensen stonden in dubbeldikke rijen langs de kant. Er kwamen zo vijftienhonderd of tweeduizend mensen kijken. Uit Beerta, Scheemda, overal kwamen ze vandaan. Nu moet je blij zijn als er honderd mensen bij het eerste zijn. Het was ook een andere tijd, hoor. Toen had je nog niet de hele tijd voetballerij op tv.”

 

De uitwedstrijden tegen Leeuwarden, een topploeg in die tijd, staan Siemens nog goed bij. “Wij gingen met twee bussen die kant op. En in die bussen werd flink gerookt. Bij Leeuwarden speelden ze in een stadion met hekken om het veld. Ik weet nog dat we de kleedkamers in wilden gaan en Hendrik Bos op z’n schouder werd getikt met de vraag of-ie z’n sigaar eerst uit wilde maken, haha! Even later op het veld waren we enorm onder de indruk van het stadion. Toen we uitgekeken waren, stonden we al met 3-0 achter. We verloren met 5-0. Maar we hebben er ook een keer gelijkgespeeld en zelfs gewonnen met 2-0, dat was in het jaar dat we degradeerden’’, heeft Siemens het nog helder voor de geest. “Ook in Sneek hebben we een paar mooie wedstrijden gespeeld. Tegen de broers Abma. Joop, Gerrit en… Volgens mij heet hij Anno, die speelde nog bij het Nederlands amateurelftal.”

 

Siemens bestiert al veertig jaar Café Biljart Siemens in Midwolda. Soms komen oud-teamgenoten bij hem aan de bar zitten, Kiewiet bijvoorbeeld, maar ook het café van Siemens is al een jaar dicht vanwege de coronapandemie. Als er op zondagen geen biljartcompetitie is, gaat Siemens naar MOVV, om te kijken bij het eerste. Bij zijn kleinzoon Jordi Blaauw, die onmiskenbaar het talent van zijn opa heeft geërfd.

 

“Hij is beter dan ik was”, zegt Siemens stellig. Al vindt hij het moeilijk vergelijken met vijftig jaar geleden. “Vroeger mocht je meer flikken om een mannetje uit te schakelen. Daar krijg je nu zomaar rood voor. Wij mochten er ook wel wezen hoor. Ik ook. Ik trok mijn been niet snel terug’’, grinnikt Siemens.

 

Over het verschil tussen hem en Jordi is Siemens duidelijk. “Hij heeft een veel betere techniek. Hij had ook wel hogerop gekund, misschien wel naar een profclub, maar toen hij zeventien was dronk hij al wel eens een pilsje en rookte hij soms een sigaretje. Daar kijken die clubs dan ook naar en daarom is het denk ik niks geworden.”

 

Hoewel, niks geworden. Jordi speelt bij MOVV en dat maakt zijn opa apetrots.

 

Thijs de Jong